Brussel-Noord

Het station Brussel-Noord is ontworpen in de jaren ’30 van vorige eeuw door de architecten Paul & Jacques Saintenoy. Het werd officieel geopend in 1952. Momenteel behoort het met meer dan 48.000 opstappende reizigers bij de vier drukste stations van België.

In 2000 werd beslist om het station, in verschillende stappen, een ‘make over’ te geven om te voldoen aan de geëvolueerde eisen van een hedendaags station.

Tijdens het eerste decennium van deze eeuw zijn diverse globale herstellingen aan het station uitgevoerd. Zo werden, na de renovatie van de dakbedekking, de gevels van het station gereinigd en gerestaureerd. Ook alle schrijnwerk van de gebouwen is vernieuwd en het asbest werd verwijderd. Tevens werd, met het bouwen van twee nieuwe hoogspanningscabines, de grondslag gelegd voor de totaalrenovatie van de technische installaties van het station.

Om het onthaal van de reizigers te verbeteren, is een totaal nieuw Travel Center en reizigerssanitair gerealiseerd.

Om het onthaalcomfort van de treinreizigers te verbeteren, is vanaf mei 2014 gestart van met de renovatie van de publieke gedeelten van het station. Met respect voor het historisch karakter van het gebouw is er gestreefd naar een vlotte doorstroom voor de duizenden pendelaars die dagelijks de transit maken via het station Brussel-Noord.

Dit alles in een comfortabele, veilige en aangename omgeving die plaats biedt aan verpozing en service in een gevoelig uitgebreid aanbod van commerciële concessies. Nieuwe roltrappen en liften verbeteren de toegankelijkheid van het station voor iedereen. 

Ook aan de zijde van de Aarschotstraat worden de toegangen in de eerder monotone, lange gevel opgewaardeerd. Door het openbreken van het gevelvlak en het accentueren door grote luifels wordt de aandacht van de reiziger naar de toegangen van het station getrokken. De binnenzijde van deze toegangen worden eveneens uitgewerkt tot open ruimten die een veilig en comfortabel gevoel geven.

Ook aan de zijde van de Aarschotstraat worden de toegangen in de eerder monotone, lange gevel opgewaardeerd. Door het openbreken van het gevelvlak en het accentueren door grote luifels wordt de aandacht van de reiziger naar de toegangen van het station getrokken. De binnenzijde van deze toegangen worden eveneens uitgewerkt tot open ruimten die een veilig en comfortabel gevoel geven.

Om het overstappen van de treinreiziger op de andere stedelijke transportmiddelen te bevorderen, wordt de vroegere ondergrondse parking omgebouwd tot een frisse en luchtige ruimte met een ‘kiss & ride’ zone. Daarnaast bestaat de mogelijkheid om vlot en rechtstreeks over te stappen vanuit de grote stations naar taxi, fiets, huurwagen, bus, tram of metro.

Om het overstappen van de treinreiziger op de andere stedelijke transportmiddelen te bevorderen, wordt de vroegere ondergrondse parking omgebouwd tot een frisse en luchtige ruimte met een ‘kiss & ride’ zone. Daarnaast bestaat de mogelijkheid om vlot en rechtstreeks over te stappen vanuit de grote stations naar taxi, fiets, huurwagen, bus, tram of metro.

Een grote technische uitdaging bij de renovatie van het station is de verstaanbaarheid van gesproken informatie. Deze informatie is voor reizigers van groot belang, zowel naar comfort als naar veiligheid.

Diverse technische ingrepen, onder meer door speciale, akoestisch absorberende bekledingen, zijn noodzakelijk om de verstaanbaarheid van gesproken boodschappen te optimaliseren en dit zonder afbreuk te doen aan de architecturale waarde van de ruimten.

Wie in het station werkt, mag zo weinig mogelijk hinder ondervinden van het geluid van bovenrijdende treinen. Eurostation bestudeerde dit probleem en werkte speciale technieken uit om op de werkplek tot een aanvaardbaar geluidsdrukniveau te komen. Voor het nieuwe Travel Center werd gewerkt met een "box-in-box" principe, zonder echter in te boeten op de openheid van de ruimte.